Over Jan Ingenhoven

 

   Vorige week bracht ik een middag door met een moedig ensemble van zichzelf noemende gevorderde amateurs, dat een uitvoering van het Kwintet voor fluit, hobo, klairnet, fagot en piano (1913/1914) voorbereidt.

   Het was leuk. Ze hadden alles behoorlijk onder elkaar, maar daar zat in zekere zin ook het probleem. Je moet eigenlijk niet je best doen om alles onder elkaar te krijgen. De muziek is lineair gedacht: de lijnen ontwikkelen zich vanuit hun eigen energie (gestuurd door ritme, articulatie, dynamiek), ontwikkelen zich dus ook verschillend en alle aandacht moet daarop gericht zijn. Zolang de musici in dezelfde 'pulse' blijven, komt dat 'onder elkaar' vanzelf wel. Absolute voorwaarde is dat iedere individuele musicus uit de partituur studeert. En dan ontstaat er uiteindelijk iets met de schoonheid van Vlaams kantwerk.

 

   Inmiddels gaat het best aardig met Ingenhoven. Doris en ik hebben zijn twee cellosonates opgenomen en een paar jaar later twee Duitse collega's zijn twee vioolsonates.

   Vorig jaar presenteerde het 'Weeshuis van de Nederlandse Muziek' in één programma de Klarinetsonate, het Trio voor fluit, klarinet en fagot en het Duo voor viool en klarinet. Een paar maanden geleden is een interview met mij opgenomen en dat alles is nu samengesmeed tot een Ingenhoven-portretje voor cultura.tv.

   Het onvolprezen Ensemble Lumaka speelt in deze weken min of meer doorlopend zijn Muziek voor klarinet en strijktrio (inclusief radio-opname) en voor ons volgende 'Dutch Masters Chamber'-concert in mei hebben Doris en ik zowel de Klarinetsonate als de Kamermuziek voor klarinet en strijktrio geprogrammeerd (eveneens inclusief radio-opname).

   Het zou leuk zijn als een intelligent strijkkwartet zich eens aan één van Ingenhovens strijkkwartetten zou wagen.

 

(eerder geplaatst op facebook)